Vanaf dit jaar moet de huisvesting van alle wilde dieren in circussen aan dezelfde voorwaarden voldoen als voor dieren die in dierentuinen verblijven.
Sinds 2005 legt de circuswetgeving per diersoort minimumnormen op voor de huisvesting van de dieren. Voor de meeste wilde diersoorten (zoals giraffen, nijlpaarden en neushoorns) geldt dat zij op dezelfde manier moeten gehouden worden als hun soortgenoten in de dierentuinen. Voor enkele soorten (olifant, tijger, leeuw, jaguar, luipaard en poema) was er een overgangsperiode voorzien tot 1 januari 2012.
Nu deze overgangsperiode afgelopen is, wil de dienst Dierenwelzijn een grondige evaluatie van de impact en naleving van de circuswetgeving. Uit verschillende controles gedurende de afgelopen jaren is gebleken dat er voor gedomesticeerde dieren (honden, paarden, …) weinig problemen zijn.
Dat geldt echter niet voor wilde dieren. Vooral buitenlands circussen hebben problemen om de wetgeving na te leven, soms uit onwil, maar meestal uit onwetendheid. De circussen geven zelf aan dat de grote verschillen in wetgeving tussen de verschillende Europese landen het voor hen erg moeilijk maken om te weten aan welke regels ze zich waar juist moeten houden.
De dienst Dierenwelzijn zal haar bevindingen voorleggen aan de Raad voor Dierenwelzijn, die op haar beurt de bevoegde minister zal adviseren over een eventuele wijziging van de wetgeving.
bron: MF —- Zita.be


